BMW 1800

Merk: Bmw
Model: 1800
Type: berline
Bouwjaar: 1965

BMW had in de jaren ’60 een stevige reputatie met zijn ‘Neue Klasse’ wagens. 

In 1962 introduceerde BMW het eerste model, de 1500. Nog enkele ‘Neue Klasse’ wagens zijn de 1600, de 1600-2, de 2000, de 2002… 
In 1963 voegde BMW een nieuwe variant binnen het gamma toe: de 1800. Deze BMW had een grotere motor in vergelijking met de 1500. Een jaar later, in 1964, introduceerde de constructeur de 1800TI. ‘TI’ staat voor ‘Touring International’. De wagen werd uitgerust met componenten die waren geconstrueerd door Alpina. De 1800TI had een groter vermogen door twee Solex-carburateuren. BMW ging echter nog een stapje verder met de 1800 TI/SA. Die had 2 Weber carburateurs die nog meer vermogen genereerden. 
Er werden van deze variant slechts 200 exemplaren geproduceerd. 
In 1966 kon men de 1800 uitrusten met een automaat. 1967 is het jaar waarin de 1800 wijzigingen onderging. Er was een nieuw dashboard en simpelere deurpanelen. Het front kreeg een andere grille en nieuwe koplampen. Van deze BMW werd ook de 1802 afgeleid (een versie met het 2002-koetswerk en de 1800 motor.) 
De overbrenging van de 1800 was in het begin een manuele versnellingsbak met 4 verhoudingen. Vanaf 1966 kon de klant ook opteren voor een automaat met 3 ‘trappen’. Beide transmissies werden gekoppeld aan een ‘4-cilinder-in-lijn’ die een inhoud had van 1773 CC. In 1971 werd de inhoud gewijzigd naar 1766 CC. Het vermogen bedroeg 90 pk. De BMW 1800 werd geproduceerd van 1963 t.e.m. 1972. In die periode zouden er circa 164.989 1800’s vervaardigd zijn.

In 1963 introduceerde BMW de 1800. De 1800 deelde de carrosserie met de 1500, de eerste echte BMW 'Neue Klasse'. Ook het mechanische gedeelte verschilde weinig. De 1800 maakte gebruik van de opgeboorde motor uit de 1500. De cilinderinhoud bedroeg nu 1773 CC. Het vermogen werd vergroot naar 90 pk. Qua overbrenging werd er een manuele versnellingsbak met 4 verhoudingen ingebouwd. In 1966 kon de 1800 uitgerust worden met een 3-traps automaat. De wagen onderging een face-lift in 1967:er was een nieuw dashboard aanwezig. Eveneens werden de deurpanelen gewijzigd. Uiterlijk gebruikte BMW een nieuwe grille en andere koplampen. Na 1971 bedroeg de cilinderinhoud 1766 CC. De productie eindigde in 1972.

Op deze basis ontstond de 1800 TI- en TI/SA-varianten. De toevoeging 'TI' stond voor 'Tourisme International'. Die BMW's hadden veel succes in races. Tegenwoordig zijn de TI- en TI/SA varianten zeldzaam vanwege het kleine productieaantal (18.417 exemplaren van de TI en 200 van de TI/SA).

Geschiedenis

BMW werd in oktober 1913 door Karl Friedrich Rapp gesticht als vliegtuigmotorfabriek onder de naam Bayerische Flugzeug-Werke. Als locatie werd het Milbertshofendistrict in München gekozen omdat dit vlakbij de Gustav Otto Flugmaschinenfabrik lag, een Duitse vliegtuigenfabriek van een zoon vanNikolaus Otto.

Eerste Wereldoorlog

In 1916 verkreeg het bedrijf een contract om V12 motoren te bouwen voor Oostenrijk-Hongarije. Rapp zocht extra kapitaal en vond dat bij Camillo Castiglioni en Max Friz. Het bedrijf werd omgedoopt tot Bayerische Motoren Werke GmbH. Een te snelle uitbreiding zorgde voor problemen, waarna Rapp het bedrijf verliet. In 1917 werd het overgenomen door de Oostenrijkse industrieel Franz Josef Popp, en in 1918 werd de firmanaam gewijzigd in BMW AG.

Na de Eerste Wereldoorlog werd in 1919 in het verdrag van Versailles bepaald dat de productie van vliegtuigen in Duitsland was verboden. Gustav Otto sloot zijn fabriek en BMW staakte de productie van vliegtuigmotoren en ging voortaan spoorwegremmen produceren.

In 1928 nam BMW de voertuigfabriek Eisenach A.G. over, waar men de kleine Dixi bouwde. Dit was voor BMW de start als autofabrikant. In maart 1929 produceerde BMW de eerste auto: de BMW 3/15, een afgeleide van de Austin Seven. BMW's eerste echte eigen auto's werden vanaf 1933 geproduceerd. Dit waren meer geavanceerde 6-cilinder sportwagens en sedans. Vooral de 327 sedan en 328 roadster, snelle 2-liter wagens, waren zeer geavanceerd voor hun tijd. Onder meer dankzij deze modellen kreeg BMW een naam als bouwer van sportieve auto's.

Tweede Wereldoorlog

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was BMW een grote leverancier van motoren aan de Luftwaffe en van motorfietsen en andere voertuigen aan deWehrmacht. Een van de motortypen was de 801, een van de krachtigste motoren in die tijd. Een type zijspan werd ook Wehrmachtsgespann genoemd. Tot 1945 werden er in totaal meer dan 30.000 geproduceerd.
BMW heeft ook onderzoek gedaan naar straalmotoren, en heeft op raketten gebaseerde wapens geproduceerd.

De BMW-fabrieken werden tegen het einde van de oorlog zwaar gebombardeerd. De fabriek in München werd voor het grootste deel verwoest. De fabrieken in oostelijk Duitsland (EisenachDürrerhofBasdorf en Zühlsdorf) werden door de Sovjet-Unie in beslag genomen. De Sovjets plaatsten de machines naar hun eigen fabrieken over, en gingen de ontwerpen nabouwen. Zo wordt het type "Wehrmacht" heden ten dage nog steeds geproduceerd, in een vorm die slechts beperkte wijzigingen heeft ondergaan. Rusland produceert het type onder de naam OeralOekraïne onder de naam Dnepr; enKazachstan onder de naam Kozak.

BMW na de Tweede Wereldoorlog

Na de oorlog herstelde BMW zich. De onderneming dreef vooral op de bouw van motorfietsen. Men bouwde na de oorlog voornamelijk grote sportwagens en limousines met V8 motor die maar mondjesmaat werden verkocht. De fabriek kwam daardoor op het randje van het bankroet. De redding kwam in de vorm van een driewielig 'scootmobiel' in licentie van het Italiaanse Iso, de BMW Isetta. De doorbraak kwam met de BMW 1500 uit 1961. Sindsdien bouwde BMW een gamma van sportieve sedans en coupés op die leverbaar waren met veel verschillende motoren, wat in de jaren zestig bijzonder was. Het merk creëerde een nieuw genre met de 323i uit 1977, een relatief kleine tweepersoons sedan met achterwielaandrijving en een 6-in-lijn benzinemotor onder de motorkap. Kenmerkend voor BMW automobielen is dat al hun auto's achterwielaangedreven zijn. Zoals vele andere automerken zag BMW zich in strijd met de concurrentie gedwongen uit te breiden. Het bedrijf nam in 1994 het Britse Rover over. In 1998 verloor BMW de strijd omRolls-Royce van Volkswagen, maar kaapte de rechten op de naam Rolls-Royce, die bij Rolls-Royce Aerospace bleken te berusten, voor de neus van Volkswagen weg. Rover bleek een miskoop en werd in maart 2000 in twee gedeelten van de hand gedaan, waarbij BMW slechts de rechten op de Minibehield. In 2002 bracht BMW een retro-versie van de vroegere Mini op de markt die wel succesvol is.

In de Formule 1 deed BMW goede zaken als motorenleverancier voor het team BMW-Williams. Tegenwoordig is BMW eigenaar van het team BMW Sauber. Momenteel kan het formule 1 team nog niet de aansluiting maken met Ferrari.

Ook in de motorfietsbranche deed BMW goede zaken, de bekende 2-cilinder tweewielers werden vanaf de jaren 60 niet alleen populair bij overheidsdiensten, maar ook zeker bij het grote publiek. Begin jaren 80 maakte BMW de fout de populaire boxermotor te willen laten vallen ten faveure van 3- en 4-cilinder in lijnblokken, echter dat besluit werd na stormachtige protesten al snel weer teruggedraaid. BMW heeft sindsdien de typischeboxermotor verder ontwikkeld tot een modern blok met 4 kleppen per cilinder en dubbele bougie.